Natuurpunt Voorkempen

Het is stilaan een serieuze vaste klassieker geworden bij Natuurpunt Noorderkempen: Valentijn Brems trekt weer met een geïnteresseerde schare, met verrekijkers beladen, vogelliefhebbers en een handvol telescopen naar het Nationaal Park Oosterschelde in Zeeland. Een stilaan klassieke route waar, rond deze tijd van het jaar, wel een leuk allegaartje van gans- en ander waterwild te bekijken en te genieten valt. Wakker dommelend in een van de nieuwste i-bussen van Oostmalle Cars
Nabij Wemeldinge begon het serieuze werk, heel wat Kluten, Zaagbekken en Wulpen waren van uit de warme Malse bus een streling voor de kijkers. Echter niet zo voor een Kluut die ongenadig door een Slechtvalk aangevallen en met heel wat inspanning naar een eilandje overgebracht en genuttigd werd.
Na genoeg genoten (?) van dit schouwspel, verder richting Oosterschelde. Daar helaas een mooie route afgesloten, via Kattendijke en Goes over de imposante afsluitdijken Neeltje Jans, een naam van het kunstmatige werkeiland voor de Deltawerken nadien opgekocht door Natuurmonumenten en het Zeeuwse Landschap. Wij moesten wel verder naar de Plompetoren, een restand van het verdwenen dorp Koudekerk. Onderweg kregen we natuurlijk een aangepaste route doorheen het Koudekerk inlaag (plek waar grond ontnomen werd om dijken te maken) waar Grauwe gans en Lepelaar maar ook enkele Reeën te beurt vielen. Op de parkeerplaats aan de Plompetorenweg mochten we de bus verlaten en gluurden en wandelden we naar het vertrouwde Schelphoek Hotel in Serooskerke waar de boterhammen overgoten met koffie en Tripel (Westmalse!) maar wat smaakten.
Omstreeks 13 uur vond Valentijn het al welletjes en doken we terug de bus in richting Brouwersdam waar we onder een stevige 5 beaufort het even waagden de bus te verlaten om te genieten van Eidereenden, Nonnetje, kuifeend en een nieuwsgierige Zeehond in onstuimig water.
Onderweg naar Zierikzee waren we getuigen van duizenden Brandganzen welke in ganser wolken, opgeschrikt door onze bus, opvlogen.
Over Ouwerkerk en via de Grevelingendam kwamen we omstreeks 16 uur tussen de in opbouw zijnde windturbines van Sint Philipsland (probleem voor vogels?). Daar wachtte ons nog een stevige windwandeling in de hoop een glimp van de Visarend te ervaren, doch slechts en verre blik op het nest was ons gegund.
Een klassieke afsluiter mocht niet ontbreken in herberg De Geit op Oude-tonge. Niet te merken dat hier tijdens de waternood in 1953 maar liefst 10% van de bevolking om kwam.
Voldaan en tevreden door de degelijke organisatie en begeleiding stranden we op het voorziene uur in Wijnegem, Zoersel en Malle.
Bruno

Delen